Thuis van Hugo Claus werd
gecreëerd te Amsterdam in 1976 en naar aanleiding van de unaniem
negatieve persreacties zwoer de auteur in het bijzijn van getuigen nooit
meeer toneel te schrijven. Gelukkig brak hij die eed sindsdien vaak:
hij is en blijft onze belangrijkste hedendaagse toneelauteur en hij
had groot gelijk verontwaardigd te reageren op de toenmalige recensies
van THUIS, want het is een vinnig geschreven, goed gestructureerd stuk,
dat sedertdien al meermaals opnieuw werd gemonteerd, zowel in professionele
als in amateurgezelschappen.
THUIS behoort in Claus' oeuvre
tot de zgn. sociale tragikomedies, waarvan zijn Vrijdag de bekendste
is. Het is een stuk over excessen die leven achter de façade
van een zgn. "gewoon" gezin. Een stuk waarin eenzaamheid,
sexualiteit, leven en dood op bevreemdend-humoristische wijze met elkaar
verweven zijn. Een stuk over mensen, die zich niet thuis voelen: noch
in hun woning, noch in hun relatie, noch in hun huid. Dat de schijnbaar
alledaagse werkelijkheid er ontspoort in de groteske situaties, maakt
o.a. dat ook dit stuk ontsnapt aan het realistisch-theater-zonder-meer.
Claus spreekt in dit verband van een "verhevigde werkelijkheid"
en in onze enscenering hebben wij ernaar gestreefd hem hier zoveel mogelijk
te volgen. Geen realisme dus, geen huis- tuin- en keukentheater, maar
een naar buiten geprojecteerde innerlijke werled : zowel in decor en
aankleding als in mis-en-scene en speelstijl hebben we dit principe
voor ogen gehouden.
Ook de typische Claus-taal
is hiervan een exponent, ietwat gekunsteld, een beetje geforceerd, maar
vreemd genoeg een procédé dat werkt en dat de personages
zowel de poëzie meegeeft van een naïef schilderij als de aardsheid
van een Permeke.